direct naar inhoud van 3.1 Rijksbeleid
vastgesteld
NL.IMRO.0870.04OV1080BgGsA27oHk-VA01

3.1 Rijksbeleid

3.1.1 Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR)

In de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) staan de plannen voor ruimte en mobiliteit. Deze visie vervangt een aantal nationale nota's, waaronder de Nota Ruimte.

In het SVIR schetst het kabinet hoe Nederland er in 2040 uit moet zien: concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig. Het ruimtelijk beleid en mobiliteitsbeleid wordt meer aan provincies en gemeenten overgelaten. Hieronder valt bijvoorbeeld het landschapsbeleid, verstedelijking en het behoud van groene ruimte.

De rijksoverheid richt zich op nationale belangen, zoals een goed vestigingsklimaat, een degelijk wegennet en waterveiligheid. Het kabinet heeft 3 rijksdoelen geformuleerd:

  • de concurrentiekracht vergroten door de ruimtelijk-economische structuur van Nederland te versterken (door het creëren van een aantrekkelijk (internationaal) vestigingsklimaat;
  • de bereikbaarheid verbeteren;
  • zorgen voor een leefbare en veilige omgeving met unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden.

Het Rijk blijft ook verantwoordelijk voor het systeem van de ruimtelijke ordening, zoals wetgeving. Voor het overige wordt zoveel mogelijk de bevoegdheid neergelegd bij andere overheden, zoals provincies en gemeenten.

Eén van de nationale belangen betreft 'een robuust netwerk van wegen, spoorwegen en vaarwegen rondom en tussen de belangrijkste stedelijke regio's inclusief de achterlandverbindingen.'

Het Rijksbelang betreft voornamelijk de aanleg en verbreding van de rijkswegen. Het plaatsen van het scherm betreft een gemeentelijke aangelegenheid die in samenspraak met het Rijk wordt voorbereid en besproken.  

Onderhavig bouwplan valt conform de uitgangspunten van de SVIR onder de bevoegdheid en belangen van de gemeente en is tevens een rijksbelang.